Sterilisatie en castratie

Tijdens een sterilisatie bij poezen worden de eierstokken verwijderd. De officiële medische term is dan castratie. Castratie van een poes doen we meestal op een leeftijd van 6 maanden. Liever niet jonger vanwege het risico van de narcose op jongere leeftijd. Iets ouder kan uiteraard ook, maar wordt niet geadviseerd als het dier al naar buiten gaat of als ze samen leeft met ongecastreerde katers. De kans op dekking op deze leeftijd is zeker al aanwezig. Poezen worden in het seizoen krols (vaak begint de krolsheid al in januari) en de krolsheid komt elke 3 weken terug totdat er een dekking heeft plaats gevonden. Daarom adviseren we om de poes te castreren voor de eerste krolsheid. Voor de operatie wordt de poes in de ochtend opgenomen. Voor zowel de poes als de kater geldt dat ze nuchter gebracht moeten worden. We verdoven haar volledig en halen dan via een sneetje in de buik de eierstokken weg. De hechtingen worden onderhuids geplaatst waardoor slechts 1 hechting zichtbaar blijft aan de buitenkant. Tijdens de operatie krijgt ze een pijnstillende injectie en als ze goed uit de narcose is gekomen mag ze weer naar huis. Doorgaans is dit in de loop van de middag. Na een dag of 10 zien we de poes graag terug op controle om te zien of de wond netjes geneest en om de hechting te verwijderen. Dit is bij de prijs van de operatie inbegrepen. Voor een kater geldt ongeveer hetzelfde. Vanaf een leeftijd van 6 maanden kan de kater gecastreerd worden. Langer wachten kan, maar heeft wel het risico dat de kater ongewenst gedrag, zoals sproeien, gaat vertonen. Bij de castratie van de kater brengen we de kater volledig onder narcose. Dan verwijderen we beide testikels via een sneetje in het scrotum. Dit sneetje is zo klein dat hechtingen plaatsen niet nodig is. Een nacontrole is dan ook niet nodig. Ook de kater krijgt tijdens operatie een pijnstillende injectie en als hij goed wakker is uit de narcose mag hij naar huis.